Verjaring van schulden stuiten: wat een aangetekende brief wel en niet doet

Redactie aangetekende-zending.com

Gepubliceerd op · 7 min leestijd

Moet u deze brief versturen? Verstuur hem online als aangetekende zending, zonder verplaatsing en zonder wachtrij.

Op veel websites leest u dat een aangetekende aanmaning de verjaring van een schuld stuit. Voor wie zelf een schuld invordert, is dat gevaarlijk onjuist: in Belgie stuit een ingebrekestelling de verjaring alleen wanneer zij wordt verstuurd door een advocaat, een gerechtsdeurwaarder of een erkend schuldbemiddelaar (art. 2244, par. 2 oud Burgerlijk Wetboek). Uw eigen aangetekende brief, hoe formeel ook, heeft dat effect niet.

Betekent dit dat een aangetekende aanmaning nutteloos is? Helemaal niet. Zij doet verwijlinteresten lopen, bewijst uw poging tot minnelijke oplossing, zet druk op de schuldenaar en is de verwachte eerste stap voor elke rechter. Alleen het stuiten van de verjaring vraagt meer.

Deze gids legt uit welke verjaringstermijnen gelden voor de meest voorkomende schulden, wat de verjaring wel stuit, wat uw eigen aangetekende brief precies oplevert en wanneer u een advocaat of gerechtsdeurwaarder moet inschakelen.

Wat verjaring betekent voor uw schuldvordering

Verjaring betekent dat een schuldvordering na verloop van tijd niet meer gerechtelijk afgedwongen kan worden. De schuld verdwijnt niet volledig: wie een verjaarde schuld vrijwillig betaalt, kan dat bedrag niet terugvorderen. Maar de schuldeiser die te lang wacht, verliest zijn belangrijkste wapen: de afdwingbaarheid voor de rechter.

Voor de schuldeiser is de verjaringstermijn dus een vervaldatum waarop het hele dossier kan stranden. Voor de schuldenaar is het een verweermiddel dat hij voor de rechter kan opwerpen. De rechter past de verjaring niet automatisch toe: de schuldenaar moet ze inroepen, maar bij consumentenschulden mag een invorderaar een verjaarde schuld niet meer als afdwingbaar voorstellen.

De belangrijkste verjaringstermijnen in Belgie

De gemeenrechtelijke termijnen staan in het oud Burgerlijk Wetboek: tien jaar voor contractuele vorderingen en vijf jaar voor buitencontractuele vorderingen vanaf de kennis van de schade. Daarnaast bestaan tal van kortere, bijzondere termijnen. Enkele veel voorkomende gevallen:

Indicatieve verjaringstermijnen voor courante schulden
Soort schuldTermijnBasis
Contractuele schuld (algemene regel)10 jaarart. 2262bis oud BW
Periodieke schulden: huur, interesten, alimentatie5 jaarart. 2277 oud BW
Energie- en waterfacturen5 jaarart. 2277 oud BW
Telecomfacturen5 jaarart. 2277 oud BW
Erelonen van advocaten5 jaarart. 2276bis oud BW
Facturen van handelaars aan consumenten (leveringen)1 jaarart. 2272 oud BW
Hotelrekeningen en restaurantkosten6 maandenart. 2271 oud BW

De juiste kwalificatie is niet altijd eenvoudig: de eenjarige termijn van artikel 2272 geldt bijvoorbeeld alleen in specifieke gevallen en wordt vaak verkeerd ingeroepen. Twijfelt u over de termijn die op uw vordering van toepassing is, laat dit dan nakijken voordat u beslist hoe u invordert.

Wat de verjaring wel stuit

Stuiting betekent dat de verjaringstermijn opnieuw van nul begint te lopen. Het oud Burgerlijk Wetboek erkent een beperkt aantal stuitingsgronden:

  • Een dagvaarding voor de rechter (art. 2244, par. 1 oud BW): de klassieke stuitingsgrond, ook wanneer de zaak later wordt doorverwezen.
  • Een bevel tot betaling of een beslag, betekend door een gerechtsdeurwaarder.
  • De erkenning van de schuld door de schuldenaar (art. 2248 oud BW): een schriftelijke erkenning, een afbetalingsvoorstel of zelfs een gedeeltelijke betaling kan volstaan.
  • Een ingebrekestelling verstuurd door een advocaat, een gerechtsdeurwaarder of een erkend schuldbemiddelaar (art. 2244, par. 2 oud BW): sinds de wet van 23 mei 2013 stuit zo'n brief de verjaring eenmalig, voor een nieuwe termijn van maximaal een jaar, op voorwaarde dat hij aangetekend met ontvangstbevestiging wordt verstuurd en alle wettelijk voorgeschreven vermeldingen bevat.

Wat uw eigen aangetekende aanmaning wel oplevert

Dat uw eigen brief de verjaring niet stuit, maakt hem niet waardeloos. Integendeel: in de praktijk wordt het merendeel van de schulden betaald na een formele aanmaning, zonder dat er ooit een rechter aan te pas komt. Uw aangetekende aanmaning:

  • doet verwijlinteresten lopen: vanaf de ingebrekestelling is de schuldenaar in gebreke en zijn interesten verschuldigd, volgens het contract of de wettelijke rentevoet;
  • bewijst uw minnelijke poging: rechters verwachten dat u eerst zelf heeft aangemaand voordat u procedeert, en dat bewijs weegt ook mee bij de verdeling van de kosten;
  • legt de chronologie vast: de bewijsbare verzenddatum van een aangetekende zending maakt elke discussie over 'nooit iets ontvangen' zinloos;
  • zet reele druk: een aangetekende brief maakt duidelijk dat de volgende stap een advocaat of gerechtsdeurwaarder is.

Wat te doen als de verjaring nadert

Nadert de vervaldatum van uw vordering, dan volstaat zelf aanmanen niet meer. U heeft dan drie realistische opties:

  1. Een advocaat of gerechtsdeurwaarder de ingebrekestelling laten versturen volgens artikel 2244, par. 2 oud BW: relatief goedkoop, en de verjaring begint opnieuw te lopen voor maximaal een jaar. Die tijd gebruikt u om te onderhandelen of te dagvaarden.
  2. Een schulderkenning verkrijgen: stelt de schuldenaar zelf een afbetalingsplan voor of erkent hij de schuld schriftelijk, dan is de verjaring gestuit. Reageer dus schriftelijk op elk voorstel en bewaar alles.
  3. Dagvaarden: de zekerste stuiting, maar ook de duurste. Voor onbetwiste geldschulden tussen ondernemingen bestaat daarnaast de procedure van invordering via gerechtsdeurwaarder.

Bent u zelf schuldenaar en ontvangt u een aanmaning voor een oude schuld, betaal dan niet blindelings: een gedeeltelijke betaling kan als erkenning gelden en de verjaring stuiten. Lees eerst onze gids over uw rechten tegenover een incassobureau.

Veelgestelde vragen

De antwoorden op de meest gestelde vragen over dit onderwerp.

Stuit een aangetekende brief de verjaring van een schuld?

Nee, niet wanneer u hem zelf verstuurt. Alleen een ingebrekestelling verstuurd door een advocaat, een gerechtsdeurwaarder of een erkend schuldbemiddelaar stuit de verjaring (art. 2244, par. 2 oud Burgerlijk Wetboek), naast een dagvaarding, een beslag of een erkenning van de schuld door de schuldenaar.

Hoelang stuit een advocatenbrief de verjaring?

De ingebrekestelling van een advocaat, gerechtsdeurwaarder of erkend schuldbemiddelaar doet een nieuwe termijn van maximaal een jaar lopen, zonder dat de verjaring vroeger kan intreden dan de oorspronkelijke termijn. Zij werkt bovendien maar een keer: daarna moet u dagvaarden of een erkenning verkrijgen.

Is een verjaarde schuld definitief verdwenen?

De schuld blijft als natuurlijke verbintenis bestaan: wie vrijwillig betaalt, kan niet terugvorderen. Maar de schuldeiser kan de betaling niet meer afdwingen voor de rechter, en bij consumentenschulden mag een verjaarde schuld niet meer als afdwingbaar worden voorgesteld.

Kan een gedeeltelijke betaling de verjaring stuiten?

Ja. Een gedeeltelijke betaling, een afbetalingsvoorstel of een schriftelijke erkenning van de schuld kan gelden als erkenning in de zin van artikel 2248 oud BW, waardoor de verjaringstermijn opnieuw begint te lopen. Schuldenaars van oude vorderingen wachten daarom beter met betalen tot de situatie duidelijk is.

Waarom zou ik dan nog zelf een aangetekende aanmaning sturen?

Omdat de meeste schulden na een formele aanmaning betaald worden zonder procedure. De aangetekende zending doet verwijlinteresten lopen, bewijst uw minnelijke poging en legt de chronologie vast met een bewijsbare verzenddatum. Alleen voor het stuiten van de verjaring is meer nodig.

Bronnen en verwijzingen

  • Art. 2244 oud Burgerlijk Wetboek: Stuitingsgronden van de verjaring: dagvaarding, bevel tot betaling, beslag en, sinds de wet van 23 mei 2013, de ingebrekestelling verstuurd door een advocaat, gerechtsdeurwaarder of erkend schuldbemiddelaar.
  • Art. 2262bis en 2277 oud Burgerlijk Wetboek: Gemeenrechtelijke verjaringstermijnen: tien jaar voor contractuele vorderingen, vijf jaar voor periodieke schulden zoals huur, interesten en nutsfacturen.
  • Art. 2248 oud Burgerlijk Wetboek: Stuiting van de verjaring door de erkenning van het recht van de schuldeiser door de schuldenaar.